Osteopathisch onderzoek en behandeling
De anamnese
Osteopatisch onderzoek begint met een uitgebreide anamnese. Hierin wordt niet alleen de actuele klacht in beeld gebracht, ook doet de osteopaat navraag naar de kwaliteit van de verschillende lichaamssystemen om te kunnen beoordelen of een patiënt veilig behandeld kan worden. In iedere anamnese worden bijvoorbeeld vragen gesteld over eventuele klachten in hart-, vaatsysteem, over behandelingen die de patiënt heeft ondergaan, over medicijnen die hij heeft gebruikt. De osteopaat stelt tijdens de anamnese ook vragen die gericht zijn op uitsluiting van pathologie: zoals nachtelijke pijn, onverklaarbaar gewichtsverlies en algehele malaise.
De voorgeschiedenis van de patiënt is eveneens van belang. Dan gaat het zowel om de geschiedenis van de actuele klacht als om eerder doorgemaakte trauma’s: operaties, eerdere en andere behandelingen, medicatie, erfelijke aandoeningen, het functioneren tijdens werk zaamheden of andere activiteiten.
Een tweede onderdeel van het onderzoek vormt het provocatie- of veiligheidsonderzoek. Verschillende systemen worden onderzocht:
- het spier-, gewrichtssysteem bij bewegings- en houdingsafhankelijke klachten. Hierbij wordt onder meer getest op eventuele spierscheuring of bijvoorbeeld bursitis,
- het vasculair systeem met behulp van auscultatie en bloeddrukmeting,
- het skelet op fracturen,
- het neurologisch systeem op centraal neurologisch functioneren, craniale zenuwen, reflexen, sensibiliteit en kracht,
- en het visceraal systeem waarbij de osteopaat onderzoekt of er sprake is van slagpijn bij de nieren en hoe het is gesteld met de grootte en ligging van organen in het abdomen.
Wanneer uit de anamnese een vermoeden ontstaat van pathologie zal onmiddellijk verwezen worden naar huisarts of behandelend specialist.

webdesign: Aceview